De auteur schetst in zijn artikel enkele stappen van de lange weg naar de erkenning van extreme armoede als een schending van de fundamentele mensenrechten, zoals verkondigd en erkend in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948.
—–
Het verbinden van mensenrechten en armoede was lange tijd geen vanzelfsprekendheid. De erkenning van extreme armoede als een schending van de mensenrechten is het resultaat van een bijzonder lange en moeizame strijd. Nochtans bood de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948 al een krachtig uitgangspunt door vrijheid van vrees en gebrek tot hoogste menselijke ideaal te verheffen.
Die oorspronkelijke samenhang werd echter snel doorbroken. Armoede werd herleid tot een kwestie van sociaal beleid in rijke landen en economische ontwikkeling in het Zuiden. De goedkeuring van twee afzonderlijke internationale verdragen in 1966 heeft de kunstmatige opsplitsing van nochtans ondeelbare mensenrechten verder bestendigd.
Tegen deze fragmentatie groeide verzet, geïnspireerd door het dagelijkse leven van mensen in extreme armoede. In sloppenwijken en noodwoningen werd duidelijk dat armoede niet enkel materiële tekorten inhoudt, maar ook een ontzegging van het fundamentele “recht om rechten te hebben”. Mensen die zo arm zijn dat zij hun rechten niet eens kennen, belichamen deze realiteit.
Binnen de beweging ATD Quart Monde ontstond een collectieve strijd om de loop van de geschiedenis te keren. Via manifesten, publieke oproepen en internationale mobilisatie werd geëist dat extreme armoede zou worden erkend als een mensenrechtenschending, vergelijkbaar met slavernij of apartheid.
Deze inzet leidde tot belangrijke stappen op internationaal niveau, waaronder de benoeming van een speciale VN-rapporteur in 1990 en de goedkeuring van het eindrapport in 1996. Het proces mondde uiteindelijk uit in de aanneming van de Leidende beginselen inzake extreme armoede en mensenrechten in 2012.
Deze internationale erkenning vormt geen eindpunt. Zij blijft kwetsbaar en vraagt om concrete wetgevende en beleidsmatige vertaling, zeker in het licht van nieuwe maatschappelijke uitdagingen. De strijd tegen extreme armoede blijft daarmee een voortdurende opdracht in de verwezenlijking van mensenrechten.
Lees het volledige commentaar in de oorspronkelijke taal: