Het arrest van het hof van beroep van Luik van 24 oktober 2022 situeert zich in de aanhoudende problematiek van het tekort aan standplaatsen voor woonwagenbewoners in België, en in het bijzonder in Wallonië. Reeds in 2012 oordeelde het Europees Comité voor Sociale Rechten unaniem dat België het herziene Europees Sociaal Handvest schendt door onvoldoende opvanglocaties te voorzien en door onvoldoende beleidsmaatregelen te nemen. Deze tekortkomingen vormen een schending van het discriminatieverbod en van het recht op bescherming van het gezinsleven, waaronder ook het recht op huisvesting valt. Tien jaar later stelde het Comité vast dat de situatie in Wallonië ongewijzigd was gebleven.

Door het gebrek aan aangepaste terreinen worden woonwagenbewoners gedwongen zich zonder vergunning te vestigen op openbare of particuliere gronden. Bij bezetting van openbare terreinen wordt vaak een administratief uitzettingsbevel uitgevaardigd door de burgemeester. Bij particuliere terreinen ontwikkelde zich echter een problematische praktijk waarbij eigenaars via eenzijdige verzoekschriften optreden op basis van zogenaamde “absolute noodzaak”. Deze procedure laat toe dat de rechter beslist zonder de betrokken bewoners te horen, in afwijking van het fundamentele beginsel van tegenspraak.

In de voorliggende zaak rechtvaardigde de intercommunale eigenaar van het terrein deze eenzijdige procedure door te stellen dat identificatie van de bewoners onmogelijk was. Op basis daarvan werd een onmiddellijke ontruiming bevolen, onder dwangsom en met dreiging van inbeslagname van caravans, voertuigen en persoonlijke bezittingen.

Het hof van beroep doorbrak deze praktijk. Het stelde vast dat de bewoners wel degelijk identificeerbaar waren en dat het perfect mogelijk was geweest hen te dagvaarden en een normaal contradictoir debat te organiseren. De voorwaarde van absolute noodzaak was dus niet vervuld.

Het arrest vormt een belangrijke correctie op het systematisch gebruik van eenzijdige verzoekschriften en versterkt de procedurele rechtsbescherming van woonwagenbewoners. Het benadrukt dat uitzonderingsprocedures strikt moeten worden geïnterpreteerd en biedt hoop op een einde aan deze uitzettingspraktijken, in afwachting van een structureel Waals beleid dat de rechten van deze bijzonder kwetsbare en gemarginaliseerde bevolkingsgroep daadwerkelijk respecteert.

Lees de nota arrest in een andere taal: