De rol van bedelen in de overlevingsstrategieën van Brusselse straatbewoners

Iets meer dan dertig jaar geleden, op 1 maart 1993, schafte België de eeuwenoude wet af die landloperij en bedelen strafbaar stelde. Ondanks deze decriminalisering blijft het fenomeen van bedelen regelmatig de gemoederen verhitten, vooral in steden als Brussel, waar de aanwezigheid van bedelaars in het straatbeeld opvallend is. De discussies draaien vaak rond het vermeende verband tussen bedelen en criminaliteit of onveiligheid. Bedelen wordt als storend, ongepast of ongewenst beschouwd. Tegelijkertijd wordt het fenomeen nauw geassocieerd met extreme armoede, wat debat voedt over de vraag in hoeverre bedelaars zich daadwerkelijk in een precaire situatie bevinden. Sommigen zien bedelen vooral als een gemakkelijke manier om geld te verdienen, terwijl anderen het beschouwen als een noodgedwongen overlevingsstrategie. Het is opmerkelijk dat het debat over bedelen vaak gekenmerkt wordt door stellige beweringen, terwijl er weinig gedegen kennis bestaat over de mensen die daadwerkelijk bedelen. Deze groep maakt deel uit van wat in de literatuur wordt omschreven als een “verborgen” of “moeilijk bereikbare” (hard to reach) bevolkingsgroep.

In deze bijdrage analyseren de auteurs zes jaar aan individuele gegevens die zijn verzameld door de Brusselse vzw Diogenes, een dienst voor straathoekwerk. Het doel is om een beter inzicht te krijgen in de rol van bedelen in het leven van daklozen. Diogenes is erkend door het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) als straathoekwerkdienst en Housing First-initiatief, en door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (Brussel Huisvesting) als vereniging voor integratie via huisvesting (VIH). De studie heeft betrekking op 5.634 observaties die tussen 2018 en 2023 zijn verzameld onder de straatbevolking in Brussel, waarvan 37 % bedelt. De onderzochte populatie bestaat voornamelijk uit mannen (68 %), met een gemiddelde leeftijd van 46 jaar, en heeft 18 % een Roma-afkomst. Uit de kwetsbaarheidskenmerken blijkt dat 56 % dakloos is, 53 % aan alcohol- of drugsverslaving lijdt en 46 % waargenomen psychische stoornissen heeft. Wat het inkomen betreft: 37 % heeft geen enkele bron van inkomsten, 23 % ontvangt een uitkering van het OCMW en slechts 4 % heeft een inkomen uit arbeid. Van de onderzochte kenmerken blijkt etnische afkomst een van de sterkste voorspellers van bedelen te zijn. Vooral mensen van Roma-afkomst zijn sterk vertegenwoordigd onder de bedelaars. De belangrijkste voorspeller van bedelen is het ontbreken van een andere bron van inkomsten. Een bron van inkomsten, ongeacht de aard, vermindert het risico op bedelen aanzienlijk. Dit ondersteunt de stelling dat bedelen een laatste redmiddel is om inkomsten te genereren. Bij personen bij wie maatschappelijk werkers een verslavingsprobleem vaststellen, neemt het risico op bedelen aanzienlijk toe. Een vergelijkbare dynamiek is zichtbaar bij mensen met psychische aandoeningen: ook bij hen neemt het risico op bedelen aanzienlijk toe. Een belangrijke conclusie uit deze analyse is dat bedelen een overlevingsstrategie is. Aan de hand van indicatoren voor kwetsbaarheid en achterstand kan worden voorspeld of iemand zijn toevlucht neemt of moet nemen tot bedelen als inkomstenbron. Deze studie toont aan hoe waardevol het is om beschikbare maar onderbenutte gegevens te gebruiken bij het ontwikkelen en evalueren van beleid dat zich richt is op de meest kwetsbaren. De auteurs pleiten voor een systematische aanpak van het verzamelen en analyseren van gegevens in het kader van het sociaal beleid en het maatschappelijk werk.

Lees de studie van Brussels Studies